Mitochondriale peptiden: MOTS-c, humanine en SS-31
Lange tijd dacht men dat alle eiwitten vanuit de celkern worden aangestuurd. Dat bleek niet te kloppen: de mitochondriën hebben hun eigen DNA en sturen daarmee hun eigen boodschappen de cel in.
Een tweede set instructies in de cel
Mitochondriën zijn de onderdelen van de cel die energie leveren. Ze hebben een eigen stukje DNA, een overblijfsel uit de tijd dat ze zelfstandige bacteriën waren. Dat DNA werd lang beschouwd als een lijstje onderdelen voor de energieproductie en verder niets.
Sinds 2003 is duidelijk dat er ook peptiden in gecodeerd staan die de mitochondriën naar buiten sturen. Daarmee praten de energiefabriekjes terug tegen de rest van de cel, en zelfs tegen andere weefsels. Dat is de reden dat deze groep in korte tijd zo veel aandacht heeft gekregen.
MOTS-c
MOTS-c was een van de eerste die gevonden werd. In de literatuur komt het terug rond energiehuishouding, insulinegevoeligheid en uithoudingsvermogen. Het mechanisme dat het vaakst genoemd wordt is AMPK, de schakelaar die een cel omzet wanneer de energie opraakt.
Wat het bijzonder maakt is dat het signaal van binnen naar buiten gaat. De mitochondriën melden dat de energie krap wordt, en de rest van de cel past zijn gedrag daarop aan.
Humanine
Humanine is ontdekt in hersenweefsel en dankt zijn naam aan het onderzoek waarin het werd gevonden. Het remt de route die een cel volgt wanneer die besluit zichzelf op te ruimen. In onderzoek naar zenuwcellen en veroudering komt het daardoor veel terug.
SS-31
SS-31, ook bekend als elamipretide, hoort wel bij deze groep maar komt er niet vandaan: het is in het lab ontworpen. Wat het apart zet is hoe het zijn doel vindt. Het hecht zich aan cardiolipine, een vetstof die alleen voorkomt in het binnenste membraan van de mitochondriën.
Daardoor hoopt het zich precies daar op waar de energieproductie plaatsvindt, zonder dat er een transportmechanisme aan te pas komt. Dat is een elegante oplossing voor een probleem waar veel stoffen op stuklopen: wel werkzaam zijn, maar niet op de juiste plek terechtkomen.
De eerste publicatie over deze peptiden is van 2003. Dat is kort, zeker vergeleken met een hormoon als oxytocine waar al een eeuw aan gerekend wordt. Veel van wat er bekend is, komt uit celkweek en proefdieronderzoek en is nog niet onafhankelijk bevestigd.
Wat ze gemeen hebben
Alle drie draaien om hetzelfde thema: de cel heeft een energiecrisis en moet besluiten wat hij doet. Overleven, zuiniger worden, of zichzelf opruimen. Dat is een ander soort vraag dan de peptiden uit de andere groepen aan de orde stellen, en het is precies waarom ze in verouderingsonderzoek zo vaak samen behandeld worden.
Deze site is gemaakt door het team achter Apex Bio Research, een Nederlandse leverancier van onderzoekspeptiden met analysecertificaat per batch.
Naar de webshopDeze site legt uit wat er in de wetenschappelijke literatuur over peptiden staat. Het is geen medisch advies en geen gebruiksaanwijzing. De stoffen die hier besproken worden zijn onderzoeksstoffen: ze zijn niet goedgekeurd voor gebruik bij mensen of dieren. Heb je een gezondheidsvraag, ga dan naar een arts.
Lees ook
De groeihormoon-as: GHRH, ghreline, GH en IGF-1
Vier schakels, twee knoppen en een hele familie peptiden. Waarom er zo veel verschillende stoffen bestaan die allemaal hetzelfde hormoon aansturen.
Neuropeptiden: Semax, Selank en familie
Een groep korte peptiden uit Russisch onderzoek, allemaal afgeleid van een lichaamseigen stof waar het hormonale deel vanaf is gehaald.